Skip to content
Toren van Belém

Lissabon · Inbegrepen bij de card

Toren van Belém

©

De Toren van Belém, het symbool van Lissabon, staat op een rots in de rivier, een paar honderd meter van de oever, zodat schepen hem als eerste zagen. In het steenwerk zie je geknoopte touwen, geribbelde koepels en een neushoorn. Fernando Pessoa, een grote moderne dichter, beschreef hem als kant. De toegang is inbegrepen bij de Lisboa Card.

Voor je gaat

  • Bezoekduur30 min – 1 h
  • GeslotenMaandag
  • ToegangMet tijdslot
  • Beste momentLaat in de middag

De Toren van Belém, buiten en binnen

Het snijwerk zit aan de buitenkant, dus loop rond de toren voordat je tijdslot begint. Binnen loop je vanaf het bolwerk door vier zalen die boven elkaar liggen.

De neushoorn op het westelijke torentje

Een gebeeldhouwde stenen neushoornkop aan de voet van een torentje van de Toren van Belém
De neushoorn, aan de voet van het westelijke torentje Foto: RimerMoshe, CC BY-SA 4.0

Ga naar de westkant van het bolwerk, het lage platform voor de toren, en kijk aan de voet van het hoektorentje. Die stenen kop is een neushoorn.

De echte neushoorn kwam in mei 1515 in Lissabon aan na vier maanden op zee, als geschenk aan Afonso de Albuquerque, de Portugese gouverneur in India, van een vorst die volgens de officiële website koning Modafar heette. Sinds de 3e eeuw had niemand in Europa een neushoorn gezien.

Het nieuws verspreidde zich snel: de Duitse kunstenaar Albrecht Dürer tekende hem datzelfde jaar naar geschreven beschrijvingen, zonder hem ooit te hebben gezien. De neushoorn zelf werd daarna als koninklijk geschenk naar paus Leo X gestuurd, maar het schip zonk bij Genua in een storm.

De koepeltorentjes en de emblemen van Manuel I

Geribbelde stenen koepels op de torentjes van de Toren van Belém, met de Taag erachter
De torentjes van het bolwerk, boven de rivier Foto: Pedro Ribeiro Simões from Lisboa, Portugal, CC BY 2.0

Kijk vandaar omhoog naar de torentjes. Volgens de officiële website zijn de geribbelde koepels oosters beïnvloed, en heeft het gebouw elders Moorse trekken. Aan de landzijde staan Sint-Michaël en Sint-Vincentius, de beschermheilige van Lissabon, erboven.

De stijl is manuelijns, genoemd naar Manuel I, die het plan van koning Johan II voortzette en de toren liet bouwen terwijl Portugal uitgroeide tot wereldmacht. Een stenen touw met knopen omgeeft het hele gebouw, en de torentjes zijn bekroond met het embleem van Manuel, de armillairsfeer, een bol van ringen.

Hoger staan kruisen van de Orde van Christus, een Portugese ridderorde, langs de kantelen van de toren. Aan de riviezijde heeft de toren vanaf de tweede verdieping een loggia met zeven bogen, onder het wapen van de koning.

De loggia met bogen en het koninklijk wapen aan de riviezijde van de Toren van Belém
De loggia aan de riviezijde Foto: Ingo Mehling, CC BY-SA 4.0

Deze kant zagen schepen als ze aankwamen, en het hof gebruikte de loggia voor plechtigheden wanneer de vloten uitvoeren of terugkeerden.

Het bolwerk en de vier zalen erboven

Het terras van het bolwerk van de Toren van Belém van bovenaf, met de koepeltorentjes en de Taag erachter
Het terras van het bolwerk, gezien vanaf de toren Foto: Palickap, CC BY-SA 4.0

Binnen begin je in het bolwerk, waarvan de 17 geschutspoorten vlak boven de waterlijn zitten, zodat kanonvuur over het water kon scheren. De toren is twee forten in één: een traditionele donjon op een modern kanonplatform, gebouwd in de tijd dat buskruit de katapulten verving.

Op het terras van het bolwerk staat, in een nis die naar de rivier kijkt, Onze-Lieve-Vrouw van het Goede Succes met het Kind, ook bekend als de Maagd van de Druiven.

Vanaf het terras klimt een wenteltrap door de toren, met één zaal per verdieping. Eerst komt de Gouverneurszaal, met een achthoekige put waarmee water uit de cisterne werd opgehaald. De Koningszaal erboven heeft een open haard en drie Venetiaanse ramen die op de loggia uitkomen.

Nog hoger heeft de Audiëntiezaal haar stenen vensterbanken en een geblokte vloer in drie kleuren behouden. Bovenin draagt het ribgewelf van de kapel de bol, het kruis en het koninklijk wapen, boven een zwart-witte vloer met een zwarte achthoek in het midden.

Het stenen ribgewelf van de kapel in de Toren van Belém met gebeeldhouwde sluitstenen
Het gewelf van de kapel, bovenin de toren Foto: Ingo Mehling, CC BY-SA 4.0

Het zijn er maar vier, en bezoekers waren er in 2026 tussen een half uur en een uur binnen.

De Toren van Belém boeken: tickets, tijdsloten en tijden

Met of zonder card ga je naar binnen op een vast tijdslot van een half uur. Het snijwerk buiten zie je vanaf het gazon en het pad langs de rivier.

Open
Dinsdag t/m zondag, 9.30–17.30 uur, laatste toegang 17.00 uur
Tijdsloten
Elk half uur; het laatste begint om 16.30 uur
Gesloten
Maandag, 1 januari, eerste paasdag, 1 mei, 13 juni (feestdag van Lissabon), 25 december
Kinderen
Gratis tot 12 jaar
Half tarief
65-plussers, 13 tot en met 24 jaar en gezinstickets (alleen aan de kassa)

De toren en de trein naar Belém zijn inbegrepen bij de Lisboa Card, vanaf € 31. Zonder card kost het ticket € 16,80.

Voor houders van de card is een deel van de tijdsloten gereserveerd, en dat kan opraken: boek zodra je dag in Belém vaststaat. Je boekt op de ticketsite van het monument met het nummer dat op de fysieke card staat.

Heb je de card online gekocht, dan wissel je de voucher eerst in voor de fysieke card bij een van de toeristenbureaus van Ask Me Lisboa. Een tijdslot wijzigen kan tot 24 uur van tevoren.

Boek ook zonder card vroeg. Volgens de officiële website raken de tickets vaak uitverkocht, en dan is er op de dag zelf niets meer te koop.

De directeur zei tegen het persbureau Lusa dat de wachttijd buiten hooguit 20 minuten zou moeten zijn, al melden sommige bezoekers in 2026 langere rijen. Voor rustigere zalen raden twee van hen de uiteinden van de dag aan, het eerste en het laatste tijdslot.

Koffers, trolleys, grote rugzakken, statieven en selfiesticks zijn binnen allemaal verboden, net als eten en drinken. Er zijn geen audiogidsen, en bij slecht weer kan de toren om veiligheidsredenen dichtgaan.

Kinderwagens en rolstoelen kunnen niet naar het terras van het bolwerk, en alleen de begane grond is zonder trappen bereikbaar.

Waarom de Toren van Belém in de rivier werd gebouwd

De Toren van Belém was een van de drie verdedigingswerken aan de monding van de Taag. Samen met het fort van Cascais en de Torre Velha aan de zuidoever zette hij schepen onder kruisvuur.

De architect, Francisco de Arruda, was een specialist in forten die met zijn broer Diogo in Marokko en India had gewerkt. Hier werkte hij onder Diogo de Boitaca, de architect die toen het Hiëronymietenklooster bouwde, en in 1519 was de toren bijna af.

Hij stond toen op een basaltrots 200 tot 250 meter uit de oever. Je hoort vaak dat de aardbeving van 1755 de rivier heeft verlegd.

Volgens de officiële website ging het langzamer. De Taag slibde dicht, mede door de toren zelf, die het zand ophield als een golfbreker, en in de 19e eeuw was de rots praktisch met het land verbonden.

In die eeuwen werden politieke gevangenen vastgehouden in de vochtige kelder, het oude kruitmagazijn. De meesten werden opgesloten onder Filips II van Spanje, die vanaf 1580 ook koning van Portugal was, en later onder Johan IV, koning vanaf 1640.

Mijlpalen

1589 tot begin 19e eeuw
Soldatenbarakken op het terras van het bolwerk
1846
Koningin Maria II laat hem restaureren, onder leiding van de hertog van Terceira
1907
Nationaal monument
1983
Werelderfgoed van Unesco
27 mei 2026
Heropend na de eerste diepgaande restauratie sinds 1998

Die laatste restauratie kostte ongeveer een miljoen euro, betaald uit het herstelplan van Portugal. De restaurator zei dat de toren in 500 jaar niet zo grondig was gereinigd, en de armillairsferen en wapenschilden zijn weer te onderscheiden.

Van de Toren van Belém naar het oosten lopen

De andere monumenten van Belém liggen allemaal ten oosten van de toren, en je loopt langs de rivier in dezelfde richting als de schepen die binnenvoeren. Vanaf Cais do Sodré doet de trein van de Cascais-lijn er ongeveer 8 minuten over naar Belém en tram 15E ongeveer 30 vanaf Praça da Figueira, beide inbegrepen bij de Lisboa Card.

Laatst bijgewerkt: